The first, the last

Filmmaker Jacob T. Swinney edited the beginning and ending frames of 55 different movies shown side-by-side. Perhaps it’s not surprising that there’s often a relationship between the two images, but it’s fascinating to see how different directors employ symmetry, with some going so far as using almost the exact same shot to start and end a movie. You can see a full listing of movie titles with timestamps on Vimeo.
 

Het moet niet altijd modder zijn: halve marathon op het F1 circuit van Spa-Francorchamps

11052886_880377738651593_8586387682855884155_nHet is niet iedere dag dat je op zo een telegenieke locatie loopt, dus je moet natuurlijk wel even de tradities volgen. Als je deelneemt aan de 7 of 14, die vanop de officiële startgrid vertrekken, dan ga je met de ploegmakkers in het juiste vak staan. Het is een geolied team, dus staat natuurlijk op de pole positie. Wacht op de rode lichten. Doet al zachtjes “vroem vroem”. Alle lichten op groen, “vrooaaahm”, en weg ben je, met brandend rubber. Doe dat een beetje te enthousiast, en je zolen slijten zoveel af dat je op je sokken toekomt. Bare foot running, inderdaad.

11073568_883106468378720_8582096163545073510_nDe deelnemers aan de vrije oefenritten van 21 km starten in de pitlane. Daar is het iets losser, je start waar je wil, zolang je de anderen niet voor de wielen loopt. Zodra de sessie start, ben je vrij om te vertrekken. Wel niet al te snel, want er geldt een snelheidslimiet. Ga je daar boven, dan telt je tijd niet.

De eerste ronde is om rustig op snelheid te komen. Je hebt tijd om het parcours te leren kennen. En om het rubber op te warmen natuurlijk. Dus in het begin een beetje zigzaggen van links naar rechts over de baan om het schoeisel zo snel mogelijk op de optimale temperatuur te krijgen. Zo doen de professionele coureurs op tv dat ook.

Al bijna onmiddellijk gaat het licht omhoog de scherpe bocht van La Source in. Je stuurvaardigheid testen door de kortste lijn op een paar millimeter van de muur te kiezen. Natuurlijk wel zien dat je je rechterophanging er niet af rijdt, want het zou sneu zijn om in de eerste bocht al uit de race te liggen.

Dan de afdaling richting Eau rouge. Plankgas, vliegensvlug opschakelen. Beneden aangekomen kijk je een beetje angstig tegen de helling aan die er op volgt. Fuckeduck, daar moet ik op. En een beetje sneller dan aan wandeltempo natuurlijk, je gaat je hier niet laten kennen als zondagsrijder (het is trouwens zaterdag). Je ziet niet hoe de weg ligt na de top, dus je snelt het onbekende tegemoet.

10300018_879868428702524_6993839902616310136_nTerugschakelen tot in de laagste versnelling. Het toerental van de motor laten zakken, en op souplesse naar boven. Moderne bolides steken nu hun KERS aan, dat is een systeem om de energie die ze in de afdaling opgebouwd hebben te hergebruiken. Maar die breedgeschouderde bakken van jouw bouwjaar hebben dat niet, dus het gaat op ervaring en wilskracht.

Aan de pufgeluiden die uit de luchthapper van de coureur naast je komen te horen, vrees je dat er eentje zijn motor al aan het opblazen is. En het straaltje wit vocht dat uit de inlaat drupt, voorspelt ook al niet veel goeds.

Bovengekomen ijl je de Raidillon door, en je verheugt je al om terug de gashendel open te kunnen draaien. Maar dat valt even zwaar tegen, de volgende km is vals plat (met de nadruk op vals, niet op plat), met de wind pal op de neus van de voiture. Je ontwerpers hadden zoveel jaren geleden, bij de assemblage, toch misschien beter gekozen voor dat aërodynamica pakket met verlaagde ophanging. Maar ja, daar is het nu wat te laat voor.11046507_880814755274558_307497731229472967_o

Toch een paar versnellingen hoger schakelen en er terug het tempo wat in proberen krijgen. Aan de binnenkant van de chicane van Les combes staat de bevoorrading in een tentje klaar. In de vaart graai je een bekertje water en twee stukken banaan mee. Zo zouden ze dat bij die andere races op dit circuit beter ook doen. Je ziet het helemaal voor je: in plaats van dat kinderachtige rietje dat door zijn helm steekt, Kimi Räikkönen als een echte man met de rechterhand losjes bovenop het stuur. De linkerelleboog, half buiten de auto, rustend op de deurlijst. En dan met een vlotte polsbeweging die beker meepakken, leegdrinken en in de vuilniston mikken.

Ondertussen gaat het aan volle vaart afgrijselijk naar beneden, richting Stavelot. Zo snel dat je al schrik krijgt dat je onderstel, zoals in de tekenfilms, er alleen vandoor gaat gaan. Vechten tegen de G-krachten in de snelle bochten. Je hele lijf wordt hier op de proef gesteld.

10898112_881230538566313_7282871945073068420_nSommige deelnemers zoeken het gras vlak naast de piste op. Maar je rubber is net warm, je hebt schrik dat het daar te veel afkoelt en vooral dat je grip gaat verliezen. Dus je kiest de ideale lijn, pikt af en toe een kerbstone mee, en vlamt. Dik 2 km lang breek je het ene na het andere snelheidsrecord, hoor je de pitspoes van je smartphone-app in je oor fluisteren.

Dan de bocht naar rechts, het wordt weer vlak, gaat zelfs heel lichtjes weer omhoog. Ongeveer aan Blanchimont zie je naast het parcours de klein mannen zich amuseren op de kart piste. Dan nog een klein stukje, je ziet de hoofdtribune al voor je.

Het is aan deze kant van het circuit veel warmer. Er staat ook geen wind meer. Lekker ontspannen in de zon, zelfs bijna zwoel. En door de luidsprekers hoor je de ambiance van de supporters, en de groovy stem van Joe Cocker, op tekst van Randy Newman. In je verbeelding zo ongeveer van:

Baby take of your coat. Real slow.

Baby take of your dress. Yes. Yes. Yes.

You can leave your shoes on. You can leave your shoes on.

You can leave your shoes on.

Die dacht voorzekers aan een paar snelle Asics toen hij dat schreef.

Nog de Busstop chicane door (als je een beetje slim bent, kan je daar een stukje afsnijden – de wedstrijdcommissaris kijkt net de andere kant op), dan voluit accelereren de rechte lijn in, en aan topsnelheid over de streep, klaar voor je snelle rondje.

10847724_880719635284070_858923529979538901_oJe weet nu wat je kan verwachten, het parcours heeft geen geheimen meer. Ondertussen even rekenen hoe snel je kan lopen om onderweg een paar bekenden tegen te komen. Kijk, daar duikt Boudewijn al naast je op. Even dag zeggen, maar onmiddellijk weer geconcentreerd, want bij de tweede doorgang over de finish moet je de rijders die nu op de startgrid geparkeerd staan, ontwijken. De safety car zit waarschijnlijk net aan de andere kant van het circuit.

In de derde ronde is het allemaal al lang routine geworden. Het moeilijkste is nu om de scherpte vast te houden en op de ideale lijn te blijven. Raar genoeg kruipt niet zozeer de derde keer de helling naar Combes in je kleren, maar de afdaling die er op volgt. Gewoon geconcentreerd blijven; de karters hebben ondertussen plaatsgemaakt voor mini-bikes.

De laatste keer de finish over, en je kan de startnummer parkeren in de pitgarage. Gezwind naar de pitbar (heel goed gekeken, maar niemand met Ferrari sokken gezien) om je ethanol tank terug volgooien. Nog op het gemak een babbeltje doen, koersnota’s vergelijken met de teamleden, en dan terug naar huis. Met de auto deze keer.

Want morgen is er al weer iets anders te doen: off-road rally, in de bossen van Chimay.

Maar dat is voor een ander verslag….