Boekbespreking: Cosmos, Carl Sagan

In 1977 lanceerde de NASA 2 ruimtetuigen, Voyager 1 en 2. Die zouden, voor de allereerste keer, foto’s nemen van de buitenplaneten van ons zonnestelsel. Planeten die we vanop aarde nog net kunnen zien, als een stipje op een telescoopfoto, maar waarvan we niet wisten hoe ze er juist uitzagen.

Die missie is wonderwel geslaagd. De 2 Voyagers hebben ons prachtige foto’s geschonken: de grote rode vlek van Jupiter, zwavelvulkanen op de maan Io, impactkraters op Ganymedes, de ringen van Saturnus (en van Jupiter, want die heeft er ook), de atmosfeer van Titan.
Nu was de oorspronkelijke bedoeling dat, na de passage langs de planeten, de camera’s uitgeschakeld zouden worden om stroom te sparen voor andere instrumenten.
Gelukkig heeft de astronoom Carl Sagan de vluchtleiding kunnen overtuigen om nog 1 extra, niet in het vluchtplan opgenomen, foto te maken.
En dus draaide in 1990 Voyager 1 zich 180 graden, keek als het ware over zijn schouder en nam de verste foto ooit. Waarop vooral zwart te zien is, een paar vage strepen, en dan, in de rechterbeneden hoek, je zou het zelfs niet opmerken als ze je het niet zeggen, een heel klein puntje.
Dat puntje, nog geen pixel groot, is the pale blue dot. Dat zijn wij, onze planeet, met 7 miljard mensen, in de uitgestrekte leegte.

“From this distant vantage point, the Earth might not seem of any particular interest. But for us, it’s different. Consider again that dot. That’s here. That’s home. That’s us. On it everyone you love, everyone you know, everyone you ever heard of, every human being who ever was, lived out their lives. The aggregate of our joy and suffering, thousands of confident religions, ideologies, and economic doctrines, every hunter and forager, every hero and coward, every creator and destroyer of civilization, every king and peasant, every young couple in love, every mother and father, hopeful child, inventor and explorer, every teacher of morals, every corrupt politician, every “superstar,” every “supreme leader,” every saint and sinner in the history of our species lived there – on a mote of dust suspended in a sunbeam.
The Earth is a very small stage in a vast cosmic arena. Think of the rivers of blood spilled by all those generals and emperors so that in glory and triumph they could become the momentary masters of a fraction of a dot. Think of the endless cruelties visited by the inhabitants of one corner of this pixel on the scarcely distinguishable inhabitants of some other corner. How frequent their misunderstandings, how eager they are to kill one another, how fervent their hatreds. Our posturings, our imagined self-importance, the delusion that we have some privileged position in the universe, are challenged by this point of pale light. Our planet is a lonely speck in the great enveloping cosmic dark. (…) There is perhaps no better demonstration of the folly of human conceits than this distant image of our tiny world. To me, it underscores our responsibility to deal more kindly with one another and to preserve and cherish the pale blue dot, the only home we’ve ever known.”

Diezelfde Carl Sagan heeft in 1980 een televisiereeks gemaakt voor de Amerikaanse publieke omroep.
Waarin hij op heel eenvoudige wijze de zoektocht van de mensheid vertelt om te begrijpen hoe de wereld en het universum er uit zien, hoe de natuur werkt.
Het gaat over mensen met een open en nieuwsgierige geest, die los van bijgeloof op zoek gingen naar echte antwoorden. Die ons ook leerden correct te redeneren.
Over de oude Grieken die al beredeneerden dat de aarde rond was, en die haar diameter konden meten, met een verrassende nauwkeurigheid.
Over hoe de evolutie werkt, hoe de eerste moleculen onder invloed van bliksem zijn ontstaan uit een soep van scheikundige elementen die toen de aarde bedekte. En na een tijdje ontstonden moleculen die een kopie van een zichzelf konden maken (de eerste voortplanting, en de voorlopers van ons DNA). Groepjes moleculen vormden het eerste eenvoudige celletje. Dan bacterien en poliepen, voortbeweging, vissen, longen, amfibieën, dino’s en vogels, zoogdieren en wij.
En lang daarvoor, hoe uit het plasma van de big bang elementere deeltjes ontstonden. En later waterstof. Dat onder invloed van de zwaartekracht wolken ging vormen, die samentrokken tot sterren. Het is in die sterren dat alle andere elementen (koolstof, stikstof, en zelfs alle metalen t.e.m. ijzer toe) gevormd zijn. Om bij het einde van de ster terug de ruimte gekatupulteerd te worden. Miljarden jaren later is een heel klein deeltje van dat sterrenstof weer samengeklit tot onze blauwe stip. Wij zijn letterlijk gemaakt van sterrenstof.

Dit is nu het boek dat bij die serie hoort.
Omdat we alleen zorgzaam en respectvol met het blauwe stipje kunnen omgaan als we, zonder vooroordelen, weten hoe de realiteit werkt. En dus wat de gevolgen zijn van onze beslissingen.
En het is misschien 30 jaar oud, en Sagan al lang dood en weer tot stof vergaan, maar nog steeds correct, relevant en heel leesbaar.

One thought on “Boekbespreking: Cosmos, Carl Sagan

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *